Hieronder vind je een uitgebreide toelichting over de registratiebevoegdheid klinisch verloskundigen. Wil je direct naar de FAQ? Klik dan hier.
Het bestuur van de werkgroep Klinische Verloskunde van de NVOG en de beroepsbelangen-commissie van de NVOG (Nederlandse Vereniging voor Obstetrie & Gynaecologie) ontvangen regelmatig vragen over hoe in de praktijk om te gaan met de registratiebevoegdheid van de klinisch verloskundige per 01-01-2026. Wij ontvangen daarbij signalen dat er vanuit de ziekenhuizen gesteld wordt dat de klinisch verloskundige alle zorg die zij levert op eigen naam dient te registreren. Hier wordt door de verschillende vakgroepen gynaecologie met zorg naar gekeken, omdat dit de indruk wekt dat voor deze zorg geen gynaecoloog nodig is. Graag lichten wij hier een en ander over toe.
De formulering van de NZA over de registratiebevoegdheid is als volgt:
De Nederlandse Zorgautoriteit heeft besloten de klinisch verloskundige per 1 januari 2026 te beschouwen als ‘beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert’ waardoor elementen van de zorg die de klinisch verloskundige binnen het deskundigheidsgebied van de verloskunde biedt, ook als zodanig geregistreerd kunnen worden. De toekenning van deze registratiebevoegdheid houdt in dat het vastleggen van zorgactiviteiten op de juiste kwalificatiecode, zoals opgenomen in de Regeling medisch-specialistische zorg (NR), ook geldt voor de klinisch verloskundige. Door de toekenning van de registratiebevoegdheid van de ‘beroepsbeoefenaar die de poortfunctie uitvoert’ aan de klinisch verloskundige, is een aantal wijzigingen doorgevoerd in de Beleidsregel prestaties en tarieven medisch-specialistische zorg (BR) en de NR.
Dit wil zeggen dat de klinisch verloskundige die elementen van de verloskundige zorg waartoe zij bevoegd en bekwaam is en zelfstandig uitvoert ook op eigen naam dient te registreren. In de praktijk werkt de klinisch verloskundige in de klinische setting in veel gevallen onder supervisie van de gynaecoloog. Zwangeren die door de klinisch verloskundige worden gezien voor consult worden regelmatig overlegd met de gynaecoloog; patiënten die op de verloskamers worden begeleid, worden ad hoc besproken en op meerdere overdrachtsmomenten op de dag; en zodra er een indicatie bestaat om medicatie voor te schrijven is er maar een zeer beperkt palet waartoe de verloskundige zelfstandig bevoegd en bekwaam is deze uit te schrijven. In al deze gevallen is er dus geen sprake van zorg die zelfstandig is uitgevoerd en is het zorg waarbij de medisch specialist actief betrokken is. In dat geval dient deze zorg dan ook op naam van de medisch specialist te worden geregistreerd.
Voor registratie op naam van de medisch specialist is direct contact tussen de medisch specialist en de patiënt niet meer randvoorwaardelijk. Dit kan ook als er sprake is geweest van supervisie op afstand. Dit communiceerden wij eerder in de nieuwsbrief van de NVOG en deze tekst is voorafgaand aan publicatie getoetst bij de NZa.
Bovenstaande laat desalniettemin zeker ruimte voor het zelfstandig verlenen en registreren van zorg door de klinisch verloskundige. Het dient de aanbeveling om binnen uw eigen praktijk te bekijken in welke vorm dit voor de patiënt en uw praktijk de meeste meerwaarde heeft en dit in duidelijk afgekaderde werkafspraken vast te leggen.
Hieronder vind je de FAQ. De downloadknop staat onder het document.


